Hi Lieve mensen,

Peter heeft al een mooi verslag geschreven over de tocht van Mar del Plata naar Stateneiland. Daarin heb je kunnen lezen dat de verse groenten en vers fruit inmiddels op zijn. Dat is wel jammer. Maar van de honger zullen we zeker niet om komen. En ook niet van de dorst. De Schenker watermaker doet het uitstekend zoals Rob Wink ons al voorspeld had. En hier zijn diverse watervalletjes waar je water vandaan zou kunnen halen. Zoals bijvoorbeeld ook de Sposmoker doet. En zoals al velen voor hen gedaan hebben. Eigenlijk wordt het bevoorraden van Pacific Blue nu pas echt van belang. Tot voorheen konden we in elke baai of marina alles wat we nodig hadden aanschaffen. Vers fruit, brood, vlees en verse groenten. Ik/wij zijn er achter gekomen dat het helemaal niet nodig is om in Nederland, je schip al af te laden met etenswaren. Behalve als je weinig of geen tussenstops maakt. In elk land en elke plaats die je onderweg aan doet is van alles te krijgen. Overal vind je behoorlijk gesorteerde lokale winkeltjes of markten. Overal is wel een uitgebreide supermercado te vinden. Diverse door ons in Nederland aangeschafte etenswaren hebben we weg moeten gooien. Soms omdat het ver over datum was. Broodmeel waar torretjes in zaten, rozijnen met mini wormpjes. Dan hebben jullie niet goed ingekocht zullen jullie nu denken. Maar waarom zou je onderweg gas verspillen met het bakken van brood, terwijl je overal lekker brood kunt kopen. Behalve dan in Engeland. Maar Frankrijk, Spanje, Portugal, Marocco, Brazilië en ook nu in Argentinië is het brood lekker. Eten koken doe je (doen wij) aan boord veel minder dan thuis. Het is juist leuk om de gerechten van een land te proberen. En vooral in Brazilië is het eten buitens-boot de moeite waard. Het is bijna overal héél lekker en ook nog eens spotgoedkoop. Zo blijf je aardig zitten met je voorraden. Nu pas is het echt nodig om brood te bakken. Nu pas gebruiken we melkpoeder voor het een en ander. O.a voor een warme Droste chocolade melk, of een verwennerijtje met custardvla. Wat mij betreft kan de lijst met de aanbevolen benodigdheden en hoeveelheden zoals; 5 grote zakken volkorenmeel, 5 grote zakken bloem, 10 potten jam 10 pakken chocolade hagelslag (die slaan toch wit uit)enz. overboord. Waar we wel meer van mee hadden moeten nemen zijn blikken ham van Zwan. Als ik het nog eens moet doen doe ik het in ieder geval heel anders. Alleen voor de eerste levensbehoeften en voor noodgevallen. Al doende leert men, nietwaar? In Mar del Plata was het voor het eerst nodig om voor langere tijd goed in te slaan.

De dag voordat we vertrokken uit Mar del Plata heb ik wat lekkere dingen gekookt en gebakken, zodat we het onderweg alleen maar even moesten opwarmen. Dit beviel zo goed dat ik in Necochea eten voor vijf dagen heb voorbereidt. Eigenlijk eten wij niet veel tijdens het varen. Vooral brood gebruiken we weinig. Behalve als er een bieflapje, of iets anders hartigs opzit. Een stuk pizza, lasagna of een empanada, dat wil wel lukken. Maar maak dat maar eens zeilende klaar. Hoewel het ons meestal goed lukt om een lekkere maaltijd in elkaar te draaien tot verse tomatensoep aan toe. Meestal lukt het ons gedurende langere tijd binnen iets te doen, maar helaas niet altijd. Zeker niet als het 30 knopen waait. Alleen daarom al vertrekken we goed voorbereid. Zoals het laatste gedeelte van de tocht vanaf Caleta Horno. Voor een dag of vier lag er eten in de koelkast klaar. En voor twee dagen in de diepvries. Peter had prachtig bruin brood gebakken en daarvan een gedeelte ingevroren en het andere gedeelte in de broodtrommel gedaan. Zeker voor dit gedeelte van de tocht hebben we er goed aangedaan om van te voren het e.e.a. klaar te maken. Want het zou al gauw blijken dat het niet eenvoudig en veilig was om uitgebreid te koken.

Caleta Horno naar Islas de los Estados

Ik, Paula, dacht dat het wel eens heel koud zou worden en had mijn "sex-killing" lange ondergoed aan getrokken. Dat ziet toch niemand want je komt de eerste dagen toch niet uit de kleren. Maar al gauw bleek dat het een beetje te veel van het goede was. Want we troffen het heel erg met het weer. De wind was wel fris maar de zon heel warm. En vooral dan is het goed toeven onder ons dekhuis. Ook 's nachts is dat een heerlijke plek. Wekkertje in je hand op tien minuten. Een beetje weg dromen en voordat het wekkertje afloopt (meestal) doe je je ogen weer open en je kijkt om je heen of alles nog veilig is. Op een van de nachten zaten er een hele tijd wit zwarte dolfijntjes om ons heen. Jammer genoeg was het te donker om ze goed te kunnen zien. Maar ze lieten zich goed horen, ze sprongen n.l. uit het water en lieten zich dan weer met een flinke pats op het water vallen. Ik heb geprobeerd het te fotograferen, maar helaas, dat is niet gelukt. Je ziet er niets van. Maar voordat je het weet is er weer een uur voorbij. Op dit gedeelte van de reis hebben we verscheidene malen dolfijnen rond de boot gehad. Dat is wel een fijne afwisseling. Want voor de rest zie je op deze wateren echt geen kip. Je bent er echt moederziel alleen. Ik voel me op die grote eenzame oceaan soms wel héél nietig, heel klein. Je stelt echt niets voor, je bent als een stofje, op dat grote water. Bijna niemand weet dat jij daar met je bootje zit.
Meestal vind ik de zeildagen erg lang duren. Je doet niet veel. Behalve een beetje lezen, muziek luisteren, eten maken, en een beetje slapen. Je rommelt eens wat met de zeilen, je houdt het logboek en de navigatie bij. Maar voor de rest moet je je tijd een beetje uitzitten. Deze tocht waren de wind veranderingen niet van de lucht, en was er regelmatig werk aan de winkel. En dan gaat de tijd best snel. Voor mij persoonlijk was dit toch wel de beste tocht der tochten. O.a door de zeeziekte capsules waar ik er af en toe eentje van nam. En ik heb zo langzamerhand mijn hectische bestaan achter me gelaten. Wat niet wil zeggen dat ik het niet spannend vond. Zeker wel. Vooral als de wind weer flink toenam kneep ik 'm soms als een ouwe dief. Hoewel Pacific Blue het geweldig deed en keurig de ene na de andere golf of windvlaag pareerde. En ondanks dat ik weet dat Pacific Blue nog veel meer wind kan hebben, zie ik toch wel eens spijkers op laag water. Storm/huizen hoge golven/mastbreuk en wat dies meer zij.
Waar ik heel erg van kan genieten is van de grote hoeveelheid en verscheidenheid aan vogels om ons heen. Zoals zij over het water scheren, het is alsof ze alleen maar voor hun plezier aan het vliegen zijn. Als je dat ziet, kan ik gewoon jaloers op ze zijn. Het lijkt me heerlijk om zo door de lucht te kunnen vliegen. Ik kan me goed voorstellen, dat er mensen zijn geweest die geprobeerd om te vliegen als een vogel. Helaas voor velen met dodelijke afloop.
Vooral de laatste uren in de straat van Le Maire waren oncomfortabel. Soms kregen we een flinke windvlaag over ons heen en 10-20 minuten later was het weer voorbij en hadden we weer een poos heel weinig wind. We liepen in het donker Stateneiland aan en na dik 5 mijl, moesten we Stuurboord uit. Een smalle doorgang door met aan bakboord nog een flinke rots. En dat terwijl je geen hand voor ogen zag. We voeren naar ons gevoel een mini baaitje binnen. En toen we op de in het boek aangegeven plaats aan het ankeren waren, schrok ik me een hoedje. Ineens liep de diepte meter van acht meter terug naar drie en toen naar twee meter. Ik riep dit naar Peter, achteruit riep hij terug en kwam al van voor naar achter aan rennen. Op dat moment realiseerden we allebei, dat het kelp moest zijn onder de boot, waardoor de dieptemeter opeens met een sprong omlaag ging. Maar je schrikt je toch wel even een hoedje. Net toen we vast lagen begon het een beetje te regenen. Dit vond ik een goed excuus om bij de net vers gezette koffie een lekkere Tia Maria in te schenken. En de volgende morgen, waren we alle "ontberingen" meteen vergeten. Want wat was het hier mooi. En groot!!!! We zijn daar een dikke week gebleven.
We hebben genoten van Staten Eiland.