Terwijl er in Nederland weerwaarschuwing na weerwaarschuwing wordt gegeven zitten wij te puffen in Noord-oost Brazilië. Als je hier bent, kun je je sneeuw bijna niet voorstellen. Het is hier heeeel warm (33 graden), maar gelukkig staat er behoorlijk veel wind, daardoor is het wel uit te houden. We liggen inderdaad op een rivier. M.a.w. we zijn er al. Een gemakkelijke en snelle oversteek gehad. Omdat we niet in de nacht wilden aankomen, hebben we op een gegeven moment gereefd en de genua verkleind tot een zakdoek. En nog liepen we i.p.v. 5 á 6 mijl p/u, 7,2 mijl.
In de heel vroege ochtend viel de wind weg en hebben we het laatste stuk de motor aangehad, ook omdat we stroom moesten draaien en vers water wilden maken, voordat we de rivier op zouden varen.

 Voor de commerciële haven van Cabedelo zijn we voor anker gegaan, en zijn we alle officiele instanties langs gegaan. Dat kostte ons wel een paar uurtjes. Maar iedereen was erg vriendelijk. We moesten een half uur wachten voordat de officier van immigratie op zijn kantoor zou zijn. De meneer van Customs, waar wij zaten te wachten, vertelde ons het e.e.a. over de streek en liet op Google zien, waar we waren, en waar zijn huis stond en dat van zijn ouders, waar hij geboren was enz. enz. Nadat we alle officials gehad hadden moesten we ook nog naar de gezondheidsdienst, en deze komt maandagmorgen aan boord om te kijken of het schip "gezond" is. Inmiddels zullen wij dan al wel veel "ziektes e.d."aan wal gebracht hebben.


We liggen hier t/o een stel restaurantjes waar je gezellig aan het eind van de middag wat kunt eten en drinken. De prijzen zijn vooroorlogs. Zeven euro voor een hoofdgerecht en 1,20 voor een drnakje zoals Caipirinha. Lekker dat dat is. Ik weet niet of het volgende elke dag gebeurt of alleen in het weekend of in de zomer. Maar 's avonds om ca. 17.00, gaat er een soort grote kano het water in met 1 of 2 muzikanten en een stuurman, en op het terras staat een violist en in het restaurant een orkest. Als dan de zon bezig is langzaam onder te gaan spelen zij gezamenlijk de Bolero van Ravel met draadloze versterking naar het terras. Hier komen mensen van heinde en ver op af, alleen maar om de zon te zien ondergaan.



De zon op te zien komen is hier niet bijzonder, maar er zijn maar weinig plekken in Brazilië waar je 'm ook kunt zien ondergaan, want Brazilië heeft geen westkust natuurlijk. M.a.w. hier wel dus aan de overkant van de rivier.
Al die restaurants doen hetzelfde met gevolg, dat je bij ons aan boord de Bolero in drievoud hoort. Maar gisterenavond zaten wij in 1 van die restaurants en dan is het wel héél mooi en bijzonder.

De mensen zijn hier bijzonder aardig en belangstellend, de eerste dag bijvoorbeeld, gingen we met de dinghy wat drinken en we legden aan bij restaurant Golphina, sportief,luchtig gekleed, (niet tè). Op het terras zaten een stelletje oude knarren. Zij hadden een reünie van oud seminarie leerlingen. We werden meteen aan een oude gepensioneerde bisschop en nog wat van dat spul voor gesteld. Er zaten verschillende oud-priesters bij van Duitse afkomst, die nog wat Duits spraken, dat vereenvoudigde de conversatie omdat ons Portugees nog wel wat te kort schiet. Nu ik bijna geen Engels meer hoef te spreken, merk ik (Paula) dat het Portugees en/of Spaans me wel beter afgaat. Dat doet me wel plezier.



Het had niet veel gescheeld of we waren aan tafel bij de heren uitgenodigd, maar dat konden we gelukkig voorkomen. Maar het was wel een leuke binnenkomer. Gisteren kwamen er nog een paar Nederlanders binnen zeilen. We hadden hen als eens eerder ontmoet. Eigenlijk zouden zij naar Natal gaan, maar hadden onderweg besloten om hier naar toe te varen (i.v.m. de windrichting). Ze gingen, zonder ingeklaard te hebben, voor ons ten anker. Dat hebben ze geweten, want met een treintje en flinke stukken wandelen, in die hitte, moesten zij gaan inklaren in de grote stad Joao Pessoa. Dat hadden wij wel wat slimmer aangepakt in het kleine havenstadje Cabedelo! Goed van ons hè!!! Al doende leert men.


Een kwartiertje geleden, kwamen 2 vissers in een bootje langs varen en zij hadden een knots van een Rog gevangen, deze vulde zowat het hele bootje en was bijna een meter breed. Ik had ze al een tijdje geobserveerd, met de verrekijker. Met snorkels aan en een harpoengeweer in de hand, zwommen ze, opgewonden, heen en weer, 1 man stapte weer in het bootje, peddelde als een haas achter de andere snorkelaar aan enz. enz. Ik had al tegen Peter gezegd dat het me een on-economische manier van vissen leek. Maar het resultaat mocht er uiteindelijk wel zijn, en de opbrengst zal wel de moeite waard zijn. (Wel zonde van zo'n mooie grote vis)

Ik denk dat we vandaag niet van de boot afkunnen, althans voorlopig niet, Peter is de dinghy aan het repareren. Gisteren kwam er nogal wat water binnen. Nu is hij bezig om hem (de dinghy) te plakken, het blijkt dat de naden a.d. voorkant los gelaten hebben. NÚ hoor ik hem pot verdomme zeggen, ik zal maar eens m'n diensten gaan aan bieden.

Groetjes van Paula en Peter